Het bankje bij de waterval
staat hier ter nagedachtenis
aan iemand die gevallen is
en meegesleurd is naar het dal
Het was een man van twintig jaar,
zo eentje die de dood veracht,
die vroeger bij de mammoetjacht
ook al geen oog had voor gevaar
Ooit ging mijn gladde levenspad
langs het ravijn van overmoed,
maar ik liep door en overwon
Nu spat de waterval me nat
Het bankje zit verrassend goed
Ik schrijf gedichten in de zon
augustus 2006
Overgehouden aan een vakantie in Canada
12 jaar lang, van 2005 t/m 2016, was ik lid van Aldichter, de vereniging van Almeerse dichters.
Af en toe veroorloofde ik mij een rijmend vers. Deze kwam aan bod op de laatste zondag van november 2006. Het is toen gedicht van de maand is geworden
Dichters-cv
Liefst schrijf ik poëzie met kleine woorden
die niet vermaant en geen taboes doorbreekt
maar alledaags van ’t alledaagse spreekt
een symfonie van simpele akkoorden
Ik heb geen grote opdracht te vervullen
zolang ik maar een mondhoek om zie krullen
© Niels Blomberg, juni 2022Als je mijn gedichten aardig vindt, dan kun je een boekje kopen; klik HIER
Pagina's
- TERUG NAAR HET BEGIN
- Verkoop van boekjes
- Mijn 60 beste gedichten
- Gedichten vanaf plaats 61
- Nederlandse gedichten
- Gedichten voor Aldichter
- Gedichtencycli
- Mijn gedichten op Het Vrije Vers
- Zelf een gedicht plaatsen bij een foto?
- English Poems
- Magpie Tales
- My poems in Poetrysoup
- Omzetrijm
- Van metrum en versvoeten naar ritme en scandeermaten
woensdag 8 februari 2017
BEGRAFENIS
Ooit staan er mensen bij een open graf
om wat er van mij rest daarin te leggen.
Nooit zal ik dan nog ploegen of nog eggen,
nooit scheid ik nog het koren van het kaf.
Een spreker zoekt mijn levensvijver af
om daaruit anekdotes op te dreggen.
Ik hoop dat hij iets vrolijks zal gaan zeggen
en dat ik om een aantal mensen gaf.
Ik hoop dat sterven mij niet zwaar zal vallen,
een sterfbed van niet langer dan een week,
en ieder zegt: zo is het mooi geweest.
Maak dan van mijn begrafenis een feest,
geen treurigheid met koffie en met cake,
maar klare wijn en veel champagne knallen.
10 februari 1999
Mijn dichtcarrière begon als een midlifecrisis. Op mijn 40e besefte ik dat als ik nog dichter wilde worden het nu moest gebeuren.
Tussen mei 1998 en april 1999 heb ik 45 sonnetten geschreven. Natuurlijk niet allemaal even goed, maar er zitten wel een paar fraaie tussen.
om wat er van mij rest daarin te leggen.
Nooit zal ik dan nog ploegen of nog eggen,
nooit scheid ik nog het koren van het kaf.
Een spreker zoekt mijn levensvijver af
om daaruit anekdotes op te dreggen.
Ik hoop dat hij iets vrolijks zal gaan zeggen
en dat ik om een aantal mensen gaf.
Ik hoop dat sterven mij niet zwaar zal vallen,
een sterfbed van niet langer dan een week,
en ieder zegt: zo is het mooi geweest.
Maak dan van mijn begrafenis een feest,
geen treurigheid met koffie en met cake,
maar klare wijn en veel champagne knallen.
10 februari 1999
Mijn dichtcarrière begon als een midlifecrisis. Op mijn 40e besefte ik dat als ik nog dichter wilde worden het nu moest gebeuren.
Tussen mei 1998 en april 1999 heb ik 45 sonnetten geschreven. Natuurlijk niet allemaal even goed, maar er zitten wel een paar fraaie tussen.
33 TOEREN
Mijn jeugd ligt vast op grote zwarte platen.
Ze staan nu bovenop mijn boekenkast.
Er zijn ook kleintjes bij, met groter gaten.
Ze zijn nog goed, niet al te erg bekrast.
Nu zijn er schijfjes in veel kleiner maten,
die door een laser worden afgetast,
en zich eenvoudiger hanteren laten,
waarop niet al te erg meer hoeft gepast.
Ik mis hem niet, die oude langspeelplaat.
Het enige waarover ik kan treuren
is dat de platenhoes niet meer bestaat,
een kunstwerk vaak in vele felle kleuren.
Het boekje dat met een CD meegaat
komt nimmer uit het doosje zonder scheuren.
7+8 december 1998
Mijn dichtcarrière begon als een midlifecrisis. Op mijn 40e besefte ik dat als ik nog dichter wilde worden het nu moest gebeuren.
Tussen mei 1998 en april 1999 heb ik 45 sonnetten geschreven. Natuurlijk niet allemaal even goed, maar er zitten wel een paar fraaie tussen.
Op 20/06/1999 geplaatst in “De Salon”, als deel 2 (en laatst) van de serie “Fin de Siècle”
http://www.schrijf.net zoek op Niels Blomberg
Op 28 mei 2008 was deze te lezen op de plezierdichtershyve.
Het Nederlandse sociale netwerk Hyves heeft bestaan van 22 september 2004 tot en met 2 december 2013. Oude bijdragen zijn helaas niet meer te lezen
In februari 2007 startte Musonius (Martijn Breeman) de plezierdichtershyve. Ik was geloof ik lid 2 (na Musonius).
Ze staan nu bovenop mijn boekenkast.
Er zijn ook kleintjes bij, met groter gaten.
Ze zijn nog goed, niet al te erg bekrast.
Nu zijn er schijfjes in veel kleiner maten,
die door een laser worden afgetast,
en zich eenvoudiger hanteren laten,
waarop niet al te erg meer hoeft gepast.
Ik mis hem niet, die oude langspeelplaat.
Het enige waarover ik kan treuren
is dat de platenhoes niet meer bestaat,
een kunstwerk vaak in vele felle kleuren.
Het boekje dat met een CD meegaat
komt nimmer uit het doosje zonder scheuren.
7+8 december 1998
Mijn dichtcarrière begon als een midlifecrisis. Op mijn 40e besefte ik dat als ik nog dichter wilde worden het nu moest gebeuren.
Tussen mei 1998 en april 1999 heb ik 45 sonnetten geschreven. Natuurlijk niet allemaal even goed, maar er zitten wel een paar fraaie tussen.
Op 20/06/1999 geplaatst in “De Salon”, als deel 2 (en laatst) van de serie “Fin de Siècle”
http://www.schrijf.net zoek op Niels Blomberg
Op 28 mei 2008 was deze te lezen op de plezierdichtershyve.
Het Nederlandse sociale netwerk Hyves heeft bestaan van 22 september 2004 tot en met 2 december 2013. Oude bijdragen zijn helaas niet meer te lezen
In februari 2007 startte Musonius (Martijn Breeman) de plezierdichtershyve. Ik was geloof ik lid 2 (na Musonius).
LIJN 25
Lijn 25 boort zich in de stad,
zoals een wurm zich in een appel boort.
Nabij de brug naar Utrecht start zijn pad,
het einde is haast helemaal in Noord.
Decennia reeds gaat die tram daar voort
langs gevels die je altijd hebt gehad.
Bij Heineken slechts werd het beeld verstoord,
en eerder ging de oude RAI al plat.
Als kind heb ik die tram heel vaak genomen,
ik kan de route en de haltes dromen:
Ceintuurbaan is de kruising met lijn 3.
Mijn beeld van Amsterdam was louter gevels,
de grenzen van een land gehuld in nevels,
de speelplaats van mijn kinderfantasie.
30 november 1998
Mijn dichtcarrière begon als een midlifecrisis. Op mijn 40e besefte ik dat als ik nog dichter wilde worden het nu moest gebeuren.
Tussen mei 1998 en april 1999 heb ik 45 sonnetten geschreven. Natuurlijk niet allemaal even goed, maar er zitten wel een paar fraaie tussen.
zoals een wurm zich in een appel boort.
Nabij de brug naar Utrecht start zijn pad,
het einde is haast helemaal in Noord.
Decennia reeds gaat die tram daar voort
langs gevels die je altijd hebt gehad.
Bij Heineken slechts werd het beeld verstoord,
en eerder ging de oude RAI al plat.
Als kind heb ik die tram heel vaak genomen,
ik kan de route en de haltes dromen:
Ceintuurbaan is de kruising met lijn 3.
Mijn beeld van Amsterdam was louter gevels,
de grenzen van een land gehuld in nevels,
de speelplaats van mijn kinderfantasie.
30 november 1998
Mijn dichtcarrière begon als een midlifecrisis. Op mijn 40e besefte ik dat als ik nog dichter wilde worden het nu moest gebeuren.
Tussen mei 1998 en april 1999 heb ik 45 sonnetten geschreven. Natuurlijk niet allemaal even goed, maar er zitten wel een paar fraaie tussen.
ROKEN
Roken zorgt voor hartgebreken.
Roken maakt de longen zwart.
Dat is vaak fataal gebleken,
heeft gezorgd voor zeer veel smart.
Zware shag dat ruik je weken,
ook al lucht je nog zo hard.
As komt oovral neergestreken.
Shag raakt in't tapijt verward.
Wat mij werklijk kan beklemmen
is vervorming van de stemmen
bij twee pakjes elke dag.
Twinkelerende sopranen
worden tot verkouden hanen
met een rauwe rokerslach.
12 augustus 1998
Mijn dichtcarrière begon als een midlifecrisis. Op mijn 40e besefte ik dat als ik nog dichter wilde worden het nu moest gebeuren.
Tussen mei 1998 en april 1999 heb ik 45 sonnetten geschreven. Natuurlijk niet allemaal even goed, maar er zitten wel een paar fraaie tussen.
Roken maakt de longen zwart.
Dat is vaak fataal gebleken,
heeft gezorgd voor zeer veel smart.
Zware shag dat ruik je weken,
ook al lucht je nog zo hard.
As komt oovral neergestreken.
Shag raakt in't tapijt verward.
Wat mij werklijk kan beklemmen
is vervorming van de stemmen
bij twee pakjes elke dag.
Twinkelerende sopranen
worden tot verkouden hanen
met een rauwe rokerslach.
12 augustus 1998
Mijn dichtcarrière begon als een midlifecrisis. Op mijn 40e besefte ik dat als ik nog dichter wilde worden het nu moest gebeuren.
Tussen mei 1998 en april 1999 heb ik 45 sonnetten geschreven. Natuurlijk niet allemaal even goed, maar er zitten wel een paar fraaie tussen.
TOILETKWARTJE
Bij toiletten van zo menig stamcafé
zit een dame met wat muntjes op een bordje.
Extra wisselgeld heeft zij nog in haar schortje.
Je betaalt hier voor gebruik van de WC.
Moet je eerst betalen? Wacht je er nog mee?
Overmand door schroom en weifelingen word je.
Je besluit om eerst te plassen, daarna stort je.
Is dat wel de juiste wijze? Geen idee!
Ik besloot mijn schroom voor eeuwig af te leggen.
Ik begin met luidkeels goedendag te zeggen,
en loop door, want ik betaal vooraf niet meer.
Het gerief zal ik pas achteraf betalen,
zonder schroom mijn kwartje uit mijn broekzak halen.
'k Leg hem rinklend bij de andre muntjes neer.
11-12 augustus 1998
Mijn dichtcarrière begon als een midlifecrisis. Op mijn 40e besefte ik dat als ik nog dichter wilde worden het nu moest gebeuren.
Tussen mei 1998 en april 1999 heb ik 45 sonnetten geschreven. Natuurlijk niet allemaal even goed, maar er zitten wel een paar fraaie tussen.
Gepubliceerd in “De Tomeloos”, een blad gerund door een tweeling tevens jeugdvriendinnen van Henriette, maar vooral gerund door hun beider mannen.
zit een dame met wat muntjes op een bordje.
Extra wisselgeld heeft zij nog in haar schortje.
Je betaalt hier voor gebruik van de WC.
Moet je eerst betalen? Wacht je er nog mee?
Overmand door schroom en weifelingen word je.
Je besluit om eerst te plassen, daarna stort je.
Is dat wel de juiste wijze? Geen idee!
Ik besloot mijn schroom voor eeuwig af te leggen.
Ik begin met luidkeels goedendag te zeggen,
en loop door, want ik betaal vooraf niet meer.
Het gerief zal ik pas achteraf betalen,
zonder schroom mijn kwartje uit mijn broekzak halen.
'k Leg hem rinklend bij de andre muntjes neer.
11-12 augustus 1998
Mijn dichtcarrière begon als een midlifecrisis. Op mijn 40e besefte ik dat als ik nog dichter wilde worden het nu moest gebeuren.
Tussen mei 1998 en april 1999 heb ik 45 sonnetten geschreven. Natuurlijk niet allemaal even goed, maar er zitten wel een paar fraaie tussen.
Gepubliceerd in “De Tomeloos”, een blad gerund door een tweeling tevens jeugdvriendinnen van Henriette, maar vooral gerund door hun beider mannen.
IN MEMORIAM: DOEMAAR
Wat schuchter stond je in een hoekje daar.
Je had je erg verheugd op dit gebeuren.
Je hele kleding was in Doemaar kleuren.
Je was niet ouder dan zo'n dertien jaar.
Je rook daar voor het eerst toen hennepgeuren.
De tekst van "Nederwiet" werd zonneklaar.
Je voelde je meteen een beetje raar,
toen Doemaar kwam gelopen door de deuren.
Heb je gehuild toen Doemaar werd ontbonden?
Of heb je Michael Jackson toen gevonden
toen Ernst en Henny hadden afgedaan?
De tijd van Doemaar moet je goed bewaren.
Dan denk je over vele lange jaren
met weemoed terug aan hoe het is gegaan.
31 december 1984
Een echte plezierdichter schrijft sonnetten, en wel klassieke Italiaanse sonnetten. Dit is mijn eerste toonbare sonnet.
Dit gedicht is opgedragen aan een onbekend meisje in Doemaar T-shirt op Pinkpop 1983. Ze heeft me erg ontroerd.
Ook opgedragen aan alle meisjes die ooit verliefd zijn geweest op Ernst Jansz of Henny Vrienten. (Ik vermoed dat ze zelf met hun kroost naar K3 moesten)
En natuurlijk een herinnering aan Pinkpop 1983. Geschreven op de grens van 1984 en 1985, toen Doemaar een half jaar uit elkaar was.
Je had je erg verheugd op dit gebeuren.
Je hele kleding was in Doemaar kleuren.
Je was niet ouder dan zo'n dertien jaar.
Je rook daar voor het eerst toen hennepgeuren.
De tekst van "Nederwiet" werd zonneklaar.
Je voelde je meteen een beetje raar,
toen Doemaar kwam gelopen door de deuren.
Heb je gehuild toen Doemaar werd ontbonden?
Of heb je Michael Jackson toen gevonden
toen Ernst en Henny hadden afgedaan?
De tijd van Doemaar moet je goed bewaren.
Dan denk je over vele lange jaren
met weemoed terug aan hoe het is gegaan.
31 december 1984
Een echte plezierdichter schrijft sonnetten, en wel klassieke Italiaanse sonnetten. Dit is mijn eerste toonbare sonnet.
Dit gedicht is opgedragen aan een onbekend meisje in Doemaar T-shirt op Pinkpop 1983. Ze heeft me erg ontroerd.
Ook opgedragen aan alle meisjes die ooit verliefd zijn geweest op Ernst Jansz of Henny Vrienten. (Ik vermoed dat ze zelf met hun kroost naar K3 moesten)
En natuurlijk een herinnering aan Pinkpop 1983. Geschreven op de grens van 1984 en 1985, toen Doemaar een half jaar uit elkaar was.
zaterdag 4 februari 2017
Mijn acht watergedichten op gevels zijn nu officieel straatpoëzie
7 gedichten staan op gemalen langs de dijken van Flevoland
1 gedicht hangt op het waterschapshuis midden in Lelystad
Klik hier voor de site straatpoezie.nl

1 gedicht hangt op het waterschapshuis midden in Lelystad
Klik hier voor de site straatpoezie.nl

zaterdag 21 januari 2017
SLAK
Soms gaat hij met zijn huis, soms gaat hij naakt,
maar hoe dan ook, gestaag gaat hij naar voren.
Ik zie hoe hij op slijmerige sporen
toch altijd bij zijn einddoel weer geraakt.
Ik zie hem door de hosta-blaadren boren.
Ik zie dat slechts de nerf hem niet zo smaakt.
Ook afrikaantjes zijn soldaat gemaakt.
Zijn noeste arbeid kan mij niet bekoren.
O mens in deze oversnelle tijd
met uren die steeds sneller gaan verstrijken
met hartinfarct en overspannenheid,
je moet de slak toch beter gaan bekijken.
Dan zie je wat volstrekt geen twijfel lijdt:
elk doel kan men met slakkengang bereiken.
24-25 augustus 1998
Mijn dichtcarrière begon als een midlifecrisis. Op mijn 40e besefte ik dat als ik nog dichter wilde worden het nu moest gebeuren.
Tussen mei 1998 en april 1999 heb ik 45 sonnetten geschreven. Natuurlijk niet allemaal even goed, maar er zitten wel een paar fraaie tussen.
Gepubliceerd in “De Tomeloos”, een blad gerund door een tweeling tevens jeugdvriendinnen van Henriette, maar vooral gerund door hun beider mannen.
maar hoe dan ook, gestaag gaat hij naar voren.
Ik zie hoe hij op slijmerige sporen
toch altijd bij zijn einddoel weer geraakt.
Ik zie hem door de hosta-blaadren boren.
Ik zie dat slechts de nerf hem niet zo smaakt.
Ook afrikaantjes zijn soldaat gemaakt.
Zijn noeste arbeid kan mij niet bekoren.
O mens in deze oversnelle tijd
met uren die steeds sneller gaan verstrijken
met hartinfarct en overspannenheid,
je moet de slak toch beter gaan bekijken.
Dan zie je wat volstrekt geen twijfel lijdt:
elk doel kan men met slakkengang bereiken.
24-25 augustus 1998
Mijn dichtcarrière begon als een midlifecrisis. Op mijn 40e besefte ik dat als ik nog dichter wilde worden het nu moest gebeuren.
Tussen mei 1998 en april 1999 heb ik 45 sonnetten geschreven. Natuurlijk niet allemaal even goed, maar er zitten wel een paar fraaie tussen.
Gepubliceerd in “De Tomeloos”, een blad gerund door een tweeling tevens jeugdvriendinnen van Henriette, maar vooral gerund door hun beider mannen.
Abonneren op:
Posts (Atom)