vrijdag 19 januari 2018

Warrelwereld

Of het nu vriest, of meer lijkt op de tropen,
ik ga tussen de middag altijd lopen,
een rondje op het industrieterrein.

De wereld om mij heen begint te draaien.

Ik kan niet door, nee echt van kans geen schijn.
Het voelt nog instabieler dan bezopen,
met evenwichtsproblemen die mij nopen
te wachten tot er and’re mensen zijn.

De wereld zal zijn rondjes blijven draaien

en ik laat al mijn kopzorgen verwaaien.
Ik sta weer met twee benen op de grond.
Mijn evenwichtsorgaan laat mij soms zwaaien,
maar toch ben ik nog lang niet naar de haaien.
Ik loop nog heel wat middagpauzes rond.


8-12 maart 2017


Er zijn weinig dingen die de poëzie zo stimuleren als deadlines, en dan vooral deadlines opgesteld door derden, in mijn geval Aldichter, Co Woudsma of waterschap Zuiderzeeland. Jezelf een deadline opleggen werkt gewoon niet, omdat hij niet echt hard is.
Maar er één uitzondering voor mij: 14 maart, pi-dag (immers 3/14 voor Amerikanen). Vanaf 2011 schrijf ik dan ieder jaar een pi-sonnet.

In 2017 was dat een mooi moment om iets over mijn trammelant van de maanden daarvoor te vertellen.
Op 10 november 2016 begon alles te draaien. “Beroerte in kleine hersenen”, zei de neuroloog, “maar heel heel heel misschien toch iets met het evenwichtsorgaan”.
Later bleek het precies andersom: een beroerte is zeer onwaarschijnlijk en alles wijst op “iets” in het evenwichtsorgaan.
Volledig herstel blijkt een kwestie van lange adem; na ruim een jaar is het wel veel beter, maar nog niet over.

1 opmerking: